Stand van zaken waterstof (H₂)
Waterstof (H₂) wordt beleidsmatig gezien als een strategische energiedrager voor verduurzaming van mobiliteit, industrie en zwaar transport. Overheden en bedrijven investeren in productie, infrastructuur en toepassingen.
De marktontwikkeling blijft echter beperkt: in 2025 betreft circa één op de 5.000 nieuw verkochte auto’s een waterstofvoertuig. Toepassingen concentreren zich vooral in gesubsidieerd openbaar vervoer en demonstratieprojecten.
Belangrijkste knelpunten:
- Lage volumetrische energiedichtheid: opslag vereist compressie tot circa 700 bar. Voor 500 km actieradius is een tank van ±80 liter onder hoge druk nodig.
- Hoge productiekosten: circa € 22 per kg (2026), overeenkomend met ± € 0,22 per km. Dit ligt boven benzine (± € 0,12 per km), ondanks het ontbreken van accijns.
Wereldwijde waterstofproductie - 2026
De huidige mondiale productie van waterstof is nog grotendeels fossiel. Ongeveer 95% is grijs, terwijl groen en blauw samen nog maar een paar procent vormen. Van de waterstof (grijs) wordt wereld wijd 85% ingezet voor de Ammoniaproductie.
Bron: IEA – Global Hydrogen Review 2024 , aangevuld met: MAN Energy Solutions en Worldwide-RS .
Waterstofprijs Calculator
Compressie en drukafhankelijke kosten
Deze calculator combineert elektrolysekosten, compressie, demi-waterverbruik, de investering (capex) en het onderhoud (opex) tot één integrale kostprijs per kilogram waterstof. Het stroomverbruik omvat naast de electrolyse ook de verwarming van de machineruimte en de gebruikte pompenergie van de installatie.
1. Compressie-energie
De compressie van waterstofgas wordt berekend met de isentrope vergelijking:
E = (k / (k - 1)) × R × T × ln(p₂/p₁) / η
- k – adiabatische exponent (1.4 voor H₂)
- R – gasconstante (8.314 J/mol·K)
- T – temperatuur (300 K)
- η – compressor-efficiëntie (0.7)
2. Compressiekosten
Kost = E × elektriciteitsprijs
3. Drukafhankelijke opslag en transport
Opslag = 0.3 + 0.0003 × (p₂ - 30)
Transport = 0.2 + 0.0002 × (p₂ - 30)
- 0.3 – basiswaarde opslag bij 30 bar (€/kg H₂)
- 0.2 – basiswaarde transport bij 30 bar (€/kg H₂)
- 0.0003 – opslagcoëfficiënt (€/kg H₂ per bar boven 30 bar)
- 0.0002 – transportcoëfficiënt (€/kg H₂ per bar boven 30 bar)
- p₂ – einddruk in bar
4. Totale waterstofprijs
Totale prijs = elektriciteit + water + OPEX + CAPEX + compressie + ondersaande lijst van algemene kostenposten
Bovengenoemde prijs is exclusief:
- Accijnzen
- Handelsmarges
- Transport
- Opslag
- Kostbare apparatuur voor het onder druk afleveren (tanken) aan voertuigen (tanken)
- Koelen bij tanken vanwege het omgekeerde Joule-Klevin effect;- CO₂ wordt koud bij ontlaten maar waterstof wordt juist heet
- Verzekering gevaarkijke stoffen
Vaak zien we de kale prijs van waterstof vergeleken worden met diesel of benzine die wél al die componenten bevatten.
Waterstofketen – energie- en kostcomponenten per processtap
▶
Klik per stap om de belangrijkste energie-, verlies- en kostcomponenten te zien.
Stap 1 – Productie ▶
- Energie: elektriciteit voor elektrolyse (kWh/kg H₂)
- Hulpsystemen: waterzuivering, pompen, koeling, besturing
- Kosten: CAPEX elektrolyser, stack-vervanging, O&M, water, netaansluiting
- Verliezen: conversieverliezen, part-load, degradatie
Stap 2 – Compressie ▶
- Energie: compressorwerk afhankelijk van drukverhouding
- Thermisch: intercooling / aftercooling
- Kosten: compressor, onderhoud, smeermiddelen
- Verliezen: isentropisch rendement, drukval, lekverliezen
Stap 3 – Lokale opslag (productielocatie) ▶
- Energie: recirculatie, boil-off management (bij LH₂)
- Hulpenergie: monitoring, veiligheidssystemen
- Kosten: opslagvaten (350/700 bar of cryogeen), terrein, keuring
- Verliezen: permeatie, lek, boil-off, drukopbouw
Stap 4 – Transport ▶
- Energie: brandstof of elektriciteit voor transportmiddel
- Logistiek: laad-/lostijd, wachttijd, retourritten
- Kosten: trailers (tube / LH₂), chauffeur, verzekering
- Verliezen: boil-off (LH₂), venting, drukbeheer
Stap 5 – Opslag tanklocatie ▶
- Energie: boostercompressie, conditionering naar afleverdruk
- Thermisch: temperatuurregeling, koeling
- Kosten: bufferopslag, dispensers, meet- en regel, veiligheid
- Verliezen: drukval, blowdown, boil-off
Stap 6 – Tanken (incl. koeling) ▶
- Energie: pre-cooling voor 700 bar vullen (kWh/kg)
- Drukopbouw: compressor/booster tijdens vullen
- Kosten: dispenser, nozzle, metering, onderhoud
- Verliezen: purge/ontluchten, stationair verbruik
Ontdekking van waterstof
Waterstof werd ontdekt door de Engelse wetenschapper Henry Cavendish in 1766.
Volgens de huidige kosmologische theorieën was waterstof het enige element daarna de oerknal. Bij fusiereacties kwamen alle andere elementen voort uit waterstof. Het aandeel waterstof in de korst van de vaste aarde is 0,88 gew.%. Op aarde bestaat waterstof alleen in water, koolwaterstoffen en mineralen. Waterstof is een kleur- en reukloos gas. In zijn normale toestand is waterstof een diatoom molecuul. Er zijn isotopen van waterstof: eenvoudige waterstof en zware waterstof, genaamd deuterium, terwijl de superzware waterstof, zeg tritium, vervalt radioactief en kan dus vrijwel niet in de natuur worden gevonden. In vergelijking met andere fossiele brandstoffen is de gravimetrische verwarmingswaarde hoog, terwijl de volumetrische verwarmingswaarde laag is. Deze fysieke eigenschappen zijn een indicatie van enkele moeilijkheden verbonden aan de opslag en het transport van waterstof.
Om alle aardgas die we in Nederland jaarlijks verbruiken te vervangen door groene waterstof hebben we 3 x 40 miljard kubieke meter = 120 miljard m3 H2 nodig. Een deel van ons aardgas gebruiken we momenteel juist om waterstof te maken. Waterstof heeft bovendien een chemische samenstelling, waarmee we niet alle producten kunnen maken die aardgas als grondstof hebben. We gebruiken nu ook ongeveer een kwart van de jaarlijkse hoeveelheid aardgas voor het opwekken van elektriciteit. En elektriciteit is juist weer nodig voor het produceren van waterstof door middel van elektrolyse.
Voor woningverwarming hebben we circa 20 miljard m3 ofwel 31,65 MJ x 20 miljard = 633 miljard MJ = 633 PJ (petaJoule).
Volgens een rapport van TNO uit 2020 produceert Nederland al veel waterstofgas. In 2020 was dat ongeveer 155 PJ, waarvan 105 PJ uit aardgas. De rest ontstond als bijproduct uit raffinaderijen (70 PJ). Voornamelijk grijze waterstof dus. Slechts 2 PJ komt voort uit elektrolyse. Een groot deel van alle waterstof gebruikt de industrie voor het maken van kunstmest (65 PJ) en bij olieraffinage (60 PJ)
Lezing van Sabien Hosenfelder over de stand van zaken waterstof
— een bekend Duits theoretisch natuurkundige, auteur en wetenschapscommunicator — Waterstof eigenschappen
| Grootheid | Specificatie | Waarde | Eenheid |
|---|---|---|---|
| Dichtheid | Gas | 0,899 | kg/Nm³ |
| Dichtheid | Vloeistof | 70,79 | kg/m³ |
| Smeltpunt | Temperatuur | 14,10 | K |
| Kookpunt | Temperatuur | 21,15 | K |
| Verbrandingswaarde | Onderwaarde | 3,00 | kWh/Nm³ |
| Onderwaarde | 33,3 | kWh/kg | |
| Bovenwaarde | 39,4 | kWh/kg | |
| Vloeibare waterstof | Onderwaarde | 2,79 | kWh/l |
| Calorische waarde | Bovenwaarde | 3,50 | kWh/Nm³ |
Kostprijs en perspectief groene waterstof
Diverse promotors noemen productiekosten van circa € 2,17 per kg waterstof. Deze berekeningen veronderstellen echter 8.000 vollasturen en elektriciteit van 2 ct/kWh, uitsluitend gebaseerd op elektrolyserkosten. Kosten voor compressie, opslag en systeemintegratie blijven buiten beschouwing.
In de praktijk functioneren elektrolysers 1.000–3.000 vollasturen per jaar, juist omdat waterstof wordt ingezet bij overschotten. Bij productie onder 200 bar zonder winstopslag resulteert dit in reële kostprijzen van circa € 8–14 per kg (2021) en in 2026 boven € 20 per kg.
Toekomstperspectief
Bij marktprijzen van 12–15 ct/kWh is omzetting van windstroom naar waterstof economisch niet rationeel. Alleen bij structureel overschot (thans circa 8% van de productie) ontstaat een prikkel tot elektrolyse. Lage benuttingsgraden verhogen echter de kapitaalkosten per kg aanzienlijk.
Wind- en zonnestroom zijn intermitterend. Elektrolysers vereisen een stabiele benuttingsgraad (>80%) voor technische betrouwbaarheid en economische efficiëntie. Fluctuerende voeding leidt tot degradatie, lage vollasturen en hoge kostprijzen.
De omzettingsketen blijft energetisch inefficiënt: circa 45 kWh elektriciteit is nodig om 33,4 kWh waterstofenergie te produceren; na teruglevering via brandstofcellen resteert ongeveer 23 kWh. Ongeveer 50% van de energie gaat verloren.
Zelfs bij een optimistische stroomprijs van 5 ct/kWh resulteert dit in minimaal 10 ct/kWh voor teruggeleverde elektriciteit, exclusief netkosten en investeringen. Structureel lage elektriciteitsprijzen zijn bovendien onwaarschijnlijk gezien stijgende net- en systeemkosten.
Conclusie: waterstof is toepasbaar in specifieke sectoren, maar vormt geen kostenefficiënte oplossing voor grootschalige elektriciteitsbalancering.
Volgens TNO (2024) ligt de efficiëntie van de waterstofketen rond de 35-40%.
Literatuur
TNO (2024). State of Art in Offshore Hydrogen Production (TNO 2024 P11648).
Bekijk rapport
nog een lange weg te gaan.
Tank-to-Wheel kostenvergelijking
Decimalen bij input met komma óf punt toegestaan (0,83 of 0.83); output met punt genoteerd.
Waterstof is "voorlopig" vrijgesteld van accijns. Prijs = ((producent kosten / (1-marge)) + accijns) * (1+btw)
| Brandstof | Producent | Marge % | Accijns | Verbruik/100km |
|---|---|---|---|---|
| Benzine (€/ltr) | ||||
| Diesel (€/ltr) | ||||
| Waterstof (€/kg) | ||||
| Elektriciteit (€/kWh) |
| Brandstof | Prijs a/d pomp | €/100km | €/km |
|---|---|---|---|
| Benzine | |||
| Diesel | |||
| Waterstof | |||
| Elektriciteit |
Waterstof: Van Productie tot Tanken
🌱 Groene waterstof
Productie: Elektrolyse met duurzame stroom
Rendement: 50% (elektrolyse plant en compressie
CO₂-uitstoot: 0 kg CO₂/kg H₂
Kosten: €13 - 15/kg (dalend)
🔵 Blauwe waterstof
Productie: Reforming + CCS (CO₂-opslag)
Rendement: 70-75% (incl. CCS)
CO₂-uitstoot: 1-2 kg CO₂/kg H₂
Kosten: €2-4/kg
⬜ Grijze waterstof
Productie: Stoomreforming (zonder CCS)
Rendement: 75-80%
CO₂-uitstoot: 9-10 kg CO₂/kg H₂
Kosten: €1.5-2.5/kg
⛽ Tanken & Gebruik
Personenauto: 700 bar, 5 kg = 500 km
Vrachtwagen: 350 bar, 30-40 kg
Tanken: 3-5 minuten; koeling nodig!
Prijs: €18-22/kg
🔍 Toelichting bij de flowchart
- SMR: Stoomreforming (95% van huidige productie)
- ATR: Autothermische reforming (geschikt voor CCS)
- Elektrolyse: PEM, alkaline, SOEC
- Compressie: 20 → 500 bar (17% verlies)
- Vloeibaar: -253°C (39% (13 kWh/kg) verlies)
- LOHC: Vloeibare dragers (toluol/waterstof)
- Tube trailer: 500 kg H₂ per truck
- Pijpleiding: Goedkoop, maar embrittlement
- Schepen: Vloeibaar H₂ of ammoniak